Raadsel van de week no. 15

De foto was van Jan en Riek Bischoff Tulleken.

Een prachtige vergroting! Maar waarvan???
De Vraag: Wat glinstert daar in het water?
De hint: Het is een uitvergroting en een klein deeltje van een groter geheel.

Het Antwoord: Een paddeneiersnoer.
Er waren 11 inzendingen, waarvan 10 goed.

De winnaar is Thea Zijlstra.

Toelichting.
Als je al op het idee bent gekomen dat het iets met kikkers en padden te maken heeft, is de grote vraag nog welke van de twee dan? Nou, er is inderdaad een kenmerkend verschil bij het leggen van de eieren. Padden leggen eieren in lange rijen (snoeren) , kikkers leggen hun eieren in groepen (kikkerdril).

Hieronder zie je dus zowel paddeneieren als kikkereieren.

PADDENEIERSNOEREN en KIKKERDRIL

In een gedetailleerde toelichting legt de fotograaf ook nog uit van welke paddensoort de eitjes dan wel afkomstig zijn:
Gewone pad of Rugstreeppad?
De Gewone Pad heeft soms een dubbel eisnoer, de Rugstreeppad een enkel eisnoer. De Rugstreeppad komt voor van Estland (zeeniveau) tot in het zuiden Spanje (in Spanje gevonden op 1950 m. hoogte). Ze legt haar eitjes in eisnoeren in ondiep, warm water.
De Gewone Pad komt voor van het noorden van Finland tot in het zuiden van Spanje (in Spanje gevonden op meer dan 2500 m. hoogte). Ze legt haar eitjes in eisnoeren in diep(er) water.
De foto is ruim boven de 2.000 meter in vrij diep water genomen. Dit wijst dus zowel qua hoogte van de vindplaats als qua diepte van het water op de eisnoeren van de Gewone Pad. De vindplaats in de Franse Alpen lag ruim te oosten van de oostelijke grens van het verspreidingsgebied van de Rugstreeppad. Ook dat wijst erop dat de eisnoeren op de foto van de Gewone Pad moeten zijn. De Vroedmeesterpad komt ook voor in de Franse Alpen, maar deze soort maakt geen eisnoer, het mannetje houdt de eitjes om zijn achterpoten gewonden bij zich.
N.B.: In Zuid-Europa op zeeniveau wordt het mannetje van de Gewone Pad ong. 15 cm, groot, het vrouwtje ong. 17 cm. In Noord-Europa en in de bergen van Midden/Zuid Europa resp. 9 en 11 cm.

Nog wat achtergrond informatie: (Bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Gewone_pad )

Voortplanting: Padden leven het gehele jaar op het land, met uitzondering van de voortplantingstijd omdat de larven of kikkervisjes zich in het water ontwikkelen. De padden ondernemen hiertoe ieder jaar een zogenaamde paddentrek, waarbij de dieren massaal over afstanden van soms meerdere kilometers naar het voortplantingswater trekken. De paddentrek begint in februari maar heeft een hoogtepunt in maart tot april. Deze gesynchroniseerde trek komt maar bij weinig andere soorten voor, inclusief andere padden. Dit komt doordat de gewone pad erg honkvast is en altijd teruggaat naar het water waarin het dier geboren is. Het feit dat de voortplantingswateren vaak op enige afstand van het leefgebied liggen, noopt de padden tot het afleggen van een voor amfibieën relatief grote afstand. Op wegen die op de trekroute liggen en door de trage dieren worden overgestoken vallen veel verkeersslachtoffers. In veel Europese landen worden de padden daarom door de mens een handje geholpen bij het oversteken van drukke wegen.

Er zijn verschillende soorten padden. Hier drie voorbeelden.

De rugstreeppad:
(Door Algirdas – Eigen werk, CC BY-SA 3.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=1062106 )

De Groene pad:
(Door Ivengo(RUS) – zelf gefotografeerd, Publiek domein, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=3559858 )

Bij parende padden zit het mannetje bovenop.
(Door Beentree – Eigen werk, CC BY-SA 4.0, https://commons.wikimedia.org/w/index.php?curid=3854579)