Raadsel van de week no.13

Wat is dit?

Het was een foto van Maud van der Veen.
De hint was: Een vroege lentebode.
 

Het Antwoord: Klein hoefblad.
Er waren 12 inzendingen, waarvan 11 goed. Zelfs zonder blad is dit bloemetje kennelijk goed te herkennen. Het is voor mij ook elk jaar weer een heerlijk gezicht als ze hun kopje boven de schrale grond omhoog steken en steeds verder opengaan in het vroege zonnetje, ondanks de vaak nog kille temperaturen. Ik heb hem nog niet gezien, maar je kunt ze vast wel ergens in de luwte vinden. Bij de eindejaars plantenjacht van Floron werd er zowaar eentje gemeld.

De winnaars zijn Adrie van Dam en Sieneke Langelaan.
Ze hadden beiden een leuke leerzame beschrijving. De manier om het te onthouden.

Adrie schreef:
Gele composieten zijn vaak lastig uit elkaar te houden, maar dit plantje herken ik gelijk aan de fijne smalle lintbloempjes. Er is nog geen blad zichtbaar en dit geeft aan dat het een van de eerste voorjaarsbloeiers is en het goudgele bloempje is een opvallende aankondiging van het voorjaar in het nog kale en sombere landschap wat goed op de foto te zien is.
Het is Klein hoefblad. Het leuke aan dit plantje vind ik de steel die kleine schubjes heeft en daardoor zo herkenbaar is. Een ander opmerkelijk ding is dat het bloemhoofdje na de bloei een diepe buiging maakt en als het zaadpluis zich heeft gevormd komt het hoofdje weer ophoog.
Klein hoefblad (Tussilago farfara) lijkt qua naam op Groot hoefblad (Petasites hybridus), maar dit  is een ander geslacht van de Composietenfamilie. Deze twee planten zijn beide vroege voorjaarbloeiers en hebben beide gemeen dat eerst de bloem verschijnt en daarna pas het blad. Een andere overeenkomst is de vorm van het blad van beide planten dat op een hoefijzer lijkt en dit zie je terug in de naam van de planten.
Laat ze maar komen de vroege voorjaarsbloeiers.

Sieneke schreef:
Ik denk aan Klein hoefblad Tussilago farfara
Ik kijk in mijn gids van wilde groenten, vruchten en kruiden en daarin lees ik dat de bloeitijd van februari tot april is. Uit de overblijvende wortelstok groeien de onbebladerde, geschubde bloeistengels met buis,- en lintbloemen. Als er geen zon is sluiten ze zich dus ook elke nacht. De bladeren verschijnen pas na de bloei.
Je kan Klein hoefblad gebruiken als groente, in kruidensoepen, salades, als sap en er thee van trekken tegen hoest en heesheid. Ook biedt het plantje uitkomst bij hoofdpijn, aderontstekingen en als voetbad bij gezwollen voeten.
Klein hoefblad valt onder de composieten. Samengestelde bloemen dus. Het is dus eigenlijk niet 1 bloem maar heel veel bloempjes op een bloemhoofdje. De lintbloemen hebben een platte ‘lintje’ die eindigt in 3 of 5 puntjes. De buisbloemen bestaan uit een buisje van aan elkaar vastgegroeide meeldraden en een stamper middenin. De stamper groeit dóór het buisje naar boven en neemt daarbij de stuifmeelkorrels mee. Pas nadat deze zijn meegenomen door insecten of de wind krult de stamper open en wordt vruchtbaar voor stuifmeel van andere bloemen.
Als de bloempjes bestoven zijn sluit het omwindsel zich en bij klein hoefblad laat deze zijn gesloten bloemhoofdje hangen terwijl de stengels flink groeien om het pluis later goed in de wind te kunnen brengen. De bloemstelen gaan weer rechtop staan en door de wind wordt het vruchtje met haarkrans verspreid.